Overslaan en naar de inhoud gaan

 

 

 

Als in korte tijd veel mensen ziek worden noemen we dat een ziektegolf. We noemen dit ook wel een epidemie. Als een epidemie wereldwijd is noemen we dit een pandemie.

Er zijn veel verschillende soorten besmettelijke ziektes en infectieziektes die onze gezondheid kunnen bedreigen. Bij de uitbraak van een infectieziekte is het belangrijk om maatregelen te nemen ter voorkoming van besmetting.

In het kort

  • Zorg voor voldoende ventilatie in je huis.
  • Voorkom dat je anderen besmet; hoest en nies in je elleboog
  • Was je handen regelmatig.
  • Bereid en bewaar voedsel op de juiste manier.
  • Weet dat dieren ziekten kunnen overbrengen op mensen.
  • Weet wat belangrijk is om een besmetting te voorkomen. 

    Goede hygiëne is belangrijk als je een besmetting wilt voorkomen. Dit is wat jij kunt doen. Kijk eerst goed naar het type ziektebeeld. Pas hier je gedrag op aan.

    • Hoest en nies in je elleboog.
    • Blijf zoveel mogelijk uit de buurt van mensen die besmet zijn.
    • Zorg voor voldoende ventilatie in je huis.
    • Heb je hulp nodig? Bespreek het met anderen.
  • Wat moet je doen tijdens een besmetting? 

    Bacteriën, schimmels of een virus kunnen een infectieziekte veroorzaken. Dit is wat jij kunt doen.

    • Indien nodig: Raadpleeg telefonisch een huisarts als je besmet denkt te zijn.
    • Blijf thuis en uit de buurt van anderen.
    • Raak zo min mogelijk je ogen, neus en mond aan.
    • Maak regelmatig je woning schoon met een schoonmaakmiddel.
vergroot de afbeelding

Wat doe je om een besmetting met voedsel te voorkomen

  • Bewaar voedsel bij de juiste temperatuur. Zet de koelkast tussen 4 en 7 graden Celsius.
  • Vervoer voedsel bij de juiste temperatuur, bijvoorbeeld in een koeltas.
  • Verhit voedsel zodat het van buiten én van binnen gaar is.
  • Was rauwe groenten en fruit goed met schoon water.
  • Eet geen rauw of rosé vlees, drink geen rauwe melk.
  • Gebruik schoon keukengerei. Was handdoeken, theedoeken en vaatdoeken zeer regelmatig.
  • Was je handen voordat je eten klaarmaakt. Ook tussendoor, bijvoorbeeld na het snijden of marineren van vlees.
vergroot de afbeelding

Wat doe je om een besmetting via dieren te voorkomen

  • Weet welke risico overdraagbaar door dieren in jouw omgeving zijn.
  • Was je handen goed met zeep en veel water na contact met dieren.
  • Doe dit ook na tuinieren of buitenspelen.
  • Controleer op teken. Verwijder teken zo snel mogelijk.
  • Ontworm honden en katten regelmatig. Bestrijd vlooien, teken en luizen.
  • Laat jonge dieren vaccineren.
  • Voor huisdieren geen slachtafval of rauw vlees. 

Dierziekten die overdraagbaar zijn op de mens.

Dieren kunnen ziekten overbrengen. Dit kan door huisdieren, boerderijdieren, wilde dieren en plaagdieren zoals muizen en ratten. Een klein deel van die ziekten is besmettelijk voor mensen. Die noemen we zoönosen.

Vogelgriep

Dit is een virus dat bij pluimvee zoals kippen en kalkoenen en andere vogelsoorten zoals duiven en zwanen voorkomt. De ziekte is erg besmettelijk. Toch is het risico dat mensen worden besmet zeer klein. Dit gebeurt alleen als er intensief en direct contact is tussen besmette vogels en mensen.

Hazenpest

Deze ziekte wordt veroorzaakt door een bacterie. Het komt vooral voor bij haasachtigen en knaagdieren. Ze kunnen er dood aan gaan. Ook mensen kunnen ziek worden. Meestal na direct contact met zieke of dode hazen. In zeldzame gevallen kan het ook op honden en katten worden overgedragen. Lees meer over hazenpest op Tularemie | RIVM

Terug naar boven